Bezemkruiskruid - Senecio inaequidens Pagina bij www.drachtplanten.nl
Plant NS-Schiedam-Centrum Spoorwegterrein Kerkrade Station Simpelveld
Nieuwe Waterweg 97 en 2004 Planken Wambuis Een honingbij
Een groefbij Rootpotige Groefbij Kleine vos Vuurvlindertje
     
   
Bezemkruiskruid - Senecio inaequidens (Composietenfamilie - Asteraceae) Terug naar top
Bezemkruiskruid - Senecio inaequidens is een overblijvende (vaste) drachtplant die in de periode van juni-december bloeit.
Kenmerken: bloem geel, bloeiwijze een tuil; bladeren lijnvormig tot ca. 5 mm breed, met geoorde voet, bladrand gaafrandig tot licht getand; gedraagt zich vaak als halfheester met verhouten stengels; 0,3-1,3 hoog.
Milieu: vochtige tot droge, matig voedselrijke, zandige tot zavelige, steen- en gruisachtige bodems; op alle mogelijke open terreinen; het meest op spoorwegterreinen; verder op industrie- en haventerreinen; langs rivier- en kanaaloevers, in wegbermen, op mijnsteenbergen, halfverhardingen van vluchtheuvels en parkeerplaatsen, tussen plaveisel, tegen muren en straatmeubilair, en in stadsplantsoenen; de soort gedraagt zich meer als pionier dan als ruigtekruid; zon- tb
Verspreiding in Nederland: oorspronkelijk uit zuidelijk Afrika; in Zuid-Limburg zeer algemeen, verder door het hele land op spoorwegterreinen, van daar uit heeft de soort zich naar het stedelijk gebied, vooral in de Randstad en in Twente; In Zuid-Limburg en vele tientallen steden en gemeenten is de soort tot in de woonwijken doorgedrongen. Nieuwe vestigingsplaatsen 1990-2010: vooral het duingebied, nieuwe natuurgebieden ontwikkeld van uit bouwland. Wordt waarschijnlijk een zeer algemene soort. Opmerking: explosieve verspreiding heeft plaatsgevonden tussen 1985 en1990. De NS legde toen in het hele land nieuwe schouwpaden aan met materiaal dat voor een belangrijk gedeelte uit materiaal bestond dat van mijnsteenbergen afkomstig was. Op deze mijnsteenbergen, afval uit de voormalige steenkoolmijnen, kwam bezemkruiskruid massaal voor. Overal waar een nieuw schouwpad met dit materiaal werd aangelegd kwam bezemkruiskruid tot dominantie. Breidt zicht de laatste jaren zeer sterk uit in de duinen en komt locaal tot dominantie.
Fauna: wilde solitaire bijen. hommels, vlinders, honingbijen.
Toepassing: wordt in bloemenmengsel voor stadbermen toegepast, verder in tuinen; tegel- en geveltuinen.
Beheer: De soort verdwijnt in gesloten grasland en ruigte. Voor vestiging is open grond vereist. In ruigten houdt de soort zich lang staande. Als men de soort op bepaalde plaatsen wil behouden is een combinatie van beheersmaatregelen aan te bevelen; eenmaal in de twee tot vijf jaar maaien en daarnaast op verschillende plaatsen de bodem openhouden. Indien op verhardingen ongewenst dan mechanisch of thermisch reguleren; op oude muren moet de plant worden geweerd, omdat hij de inheemse muurflora ernstig kan beconcurreren. Een sterk invasieve soort die niet extra gestimuleerd hoeft te worden.
Wilde solitaire bijen: zandbijen (Andrena), groefbijen (Halictus, Lasioglossum), tronkenbij (Heriades troncorum) waarschijnlijk ook zijdebijen (Colletes daviesanus, C. fodiens). Meer info: www.zoekkaartwildebijen.nl
Dracht: nectar en geelachtig stuifmeel. Indicatie voor dracht: code 3.
Meer info over plant en verspreiding: http://www.soortenbank.nl/soorten.php?soortengroep=flora_nl&id=2552
 
Plant Bezemkruiskruid Terug naar top
 
 
NS-Schiedam-Centrum Terug naar top
 
 
Spoorwegterrein Kerkrade Terug naar top
 
 
Station Simpelveld Terug naar top
 
 
Nieuwe Waterweg 1997 en 2004 Terug naar top
 
 
Nieuwe Waterweg 2004 Terug naar top
 
 
Voormalig landbouwland op Planken Wambuis Terug naar top
 
 
Fabrieksterrein in Almelo ---- volgende foto Terug naar top
 
 
Een vergetenhoekje in Veenendaal Terug naar top
 
 
Een honingbij Terug naar top
 
 
Roodpotige groefbij Halictus rubicundus (poten zijn bedekt met stuifmeel) Terug naar top
   
 
 
 
 
Een groefbij (lasioglossum caleatum) Terug naar top
 
 
  Terug naar top
 
 
Kleine vos Terug naar top
 
 
Vuurvlindertje Terug naar top