| Op deze pagina worden hoofdzakelijk wettelijk beschermde planten genoemd waarop foeragerende, honingbijen, hommels en andere wilde bijen zijn waargenomen. Opmerking: deze sortering is alleen bedoeld als overzicht van de wettelijk beschermde soorten die in het "Plantenvademecum" en op deze Cd-rom voorkomen. De Flora- en faunawet verbiedt het verstoren van de beschermde planten en er wordt aan de burger een zorgplicht opgelegd. Afwijkingen van de verbodsbepalingen zijn mogelijk indien geen afbreuk wordt gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van de soort. Dus deze planten mogen in het wild niet worden geplukt en uitgestoken. |
Allium ursinum - Daslook: BOL: apr-mei, wit, blw. scherm. Geof, 0,2-0,35. Vochtige, matig voedselrijke, neutrale tot veelal kalkhoudende en humusrijke bodems; in hellingbossen en onder allerlei soorten loofhout beplantingen; beschaduwd in het voorjaar, diepe schaduw in de zomer. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; Fauna: Hb2, W.bij; BEHEERTYP: (WB) (WB) B&S 4, 5. |
Arnica montana - Valkruid: VAST: jun-jul, oranjegeel, blw. alleenstaand. Hemi, rozet, 0,3-0,5. Vochtige tot iets droge, voedselarme, zwak zure, zandige en lemige bodems; in grazige vegetaties, grazige heide, spoorbermen en terreinen van waterleidingbedrijven. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G2. |
Asplenium scolopendrium (Apspleniaceae) - Tongvaren: VAST, groenblijvend: jul-aug; bladen ongedeeld, min of meer langwerpig tot lancetvormig. Hemi, 0,1-0,6. In Nederland, voornamelijk op vochtige muren; licht beschaduwd-schaduw. TUIN (inh), Tegel; ZINTUIGPL: T.blad; BEHEERTYP: (WB) Pmu, B&S 4. |
Asplenium trichomanes (Apspleniaceae) - Steenbreekvaren: VAST, groenblijvend: jun-sep; bladen enkelvoudig geveerd, deelblaadjes rond tot elliptisch. Hemi, 0,05-0,25. Op oude muren; onder meer gebouwen, bruggen, kaden, sluismuren; viaducten, tuinmuren, perronkantjes, afwateringsgoten; schaduw-zon, maar niet op te donkere plekken. TUIN (inh), Tegel; ZINTUIGPL: T.blad; BEHEERTYP: (WB) Pmu. |
Butomus umbellatus - Zwanebloem: WATER/OEVERPLANT, vast: jun-sep, roze, blw. scherm. Helo, 0,5-1,5. In zoete tot zwak brakke voedselrijke wateren en in verlandingsvegetaties; op zandgronden met een (dunne) baggerlaag; in sloten, plassen, kanalen, spoorsloten, stadsvijvers en singels. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) V4, W4. |
Caltha palustris ssp araneosa - Spindotterbloem: VAST: apr-mei, geel, blw. alleenstaand. Helo/Hemi, tot ca 0,7. Natte, zeer voedselrijke slikkige bodems in het zoetwatergetijdengebied. Zon-licht beschaduwd. (inh); Giftig (mens); Fauna: Hb1, Hom; BEHEERTYP: (WB) R8, B&S 6. |
Caltha palustris ssp. palustris - Gewone dotterbloem: VAST: apr-mei, geel, blw. alleenstaand. Helo/Hemi, 0,2-0,6, b1/1. Natte tot drassige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, weinig of onbemeste bodems; niet op zeeklei; in drassige graslanden, boezemlandjes en plasbermen, langs slootkanten, spoorsloten en in lichte natte bosjes; indicator voor kwelwater. Zon.tot licht beschaduwd. TUIN (inh); Giftig (mens en vee); Fauna: Hb3, Hom; BEHEERTYP: (WB) G8, B&S 6. |
Campanula glommerata - Kluwenklokje: VAST: jun-aug, blauw, blw. eindelingse kluwen. Geof, 0,25-0,5. Vochtige, matig voedselrijke, humus- en vaak kalkhoudende bodems. Zon-lichte schaduw. TUIN (inh); Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G5. |
Campanula latifolia - Breedbladig klokje: VAST: jun-jul, violet, blw. aarachtige tros. Hemi, 0,6-0,8. Vochtige, matig voedselrijke, minerale bodems; in grazige tot iets ruige vegetaties; stinzen, dijken, bermen; beschaduwd. TUIN (inh); Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) B&S 5R5. |
Campanula patula - Weideklokje: VAST: mei-jul, blauw, armbloemige pluim. Hemi, 0,3-0,5. Vochtige, matig voedselrijke bodems; voornamelijk in grazig vegetatie en hooilanden. Zon. (inh); Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G7, G8. |
Campanula persicifolia - Prachtklokje: VAST: mei-aug, blauw soms wit, blw. armbloemige tros; bladen langwerpig tot lancetvormig, veelal glanzend, kaal en iets leerachtig. Hemi, rozet, 0,5-1,0. Min of meer vochtige, schrale tot matig voedselrijke, leem- en kalkhoudende bodems en steenachtige sustraten; van nature een zoomplant; veel als tuinplant gebruikt en thans veel op open plaatsen en in half gesloten vegetaties verwilderd; in stadsplantsoenen, tussen het plaveisel van trottoirs, spoorwegemplacementen op halfverhardingen. Zon-beschaduwd. TUIN (inh), Tegel; Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) B&S 4. |
Campanula rapunculoides - Akkerklokje: VAST: jun-aug, blauw, blw. lange onvertakte tros, bloemen meestal naar een kant gekeerd. Hemi, penwortel, 0,5-1,0. Vochtige tot iets droge, matig voedselrijke, zandige tot zavelige bodems; in grazige vegetaties; in bermen, langs spoorwegen, op spoorwegemplacementen, onder heggen, in stadsplantsoenen, op halfverhardingen en tussen het plaveisel, en tegen muren en straatmeubilair. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh), Tegel; Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G7. |
Campanula rapunculus - Rapunzelklokje: TWEEJARIG: mei-sep, blauw, blw. vertakte tros en bloemen naar alle kanten gekeerd; stengelbladen lancetvormig. Hemi, penwortel, 0,5-0,8. Vochtige tot zomerdroge, voedselarme tot matig voedselrijke, kalkhoudende, zavelige, lemige licht humushoudende bodems; in grazige tot enigszins ruige vegetaties; in graslanden, op rivier- en spoordijken, in weg- en spoorbermen en op spoorwegemplacementen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G4, G5, R5. |
Campanula rotundifolia - Grasklokje: VAST: jun-sep, blauw, blw. armbloemige pluim; plant kaal, stengelbladen lijnvormig. Hemi: 0,15-0,4. Droge tot vochthoudende, voedselarme tot iets voedselrijke, zandige bodems of stenig substraat; in grazige vegetaties; in graslanden, weg-, kanaal- en spoorbermen, op spoor- en rivierdijken, Droge greppelkantjes, spoorwegemplacementen, tuinwallen en oude, verweerde muren. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh), Rots; Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G3, G6. |
Campanula trachelium - Ruig klokje: VAST: jul-aug, blauw, blw. tros of pluim; plant iets ruw behaard, stengelbladen vrij breed, stengel met scherpe lengte richels. Hemi, penwortel, 0,5-0,8. Vochtige, schrale tot matig voedselrijke en krijt- en vaak kalkhoudende, lemige, humushoudende bodems; langs bosranden en in lichte bossen, verwilderd onder heggen en langs spoorwegen; halfschaduw. TUIN (inh), Tegel; Fauna: Hb4, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) B&S 4. |
Cirsium dissectum - Spaanse ruiter: VAST: jun-jul, paarsachtig alleenstaand. Hemi, 0,3-0,8. Natte, schrale bodems in grazige vegetaties; in blauwgraslanden, duinvalleien; op heischrale en venige bodems. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: (WB) G1. |
Colchicum autumnale - Wilde herfsttijloos: KNOL: sep-okt, lila, bloem lijkt op krokus, blw. alleenstaand. Geof, 0,1-0,25. Natte tot vochtige, voedselrijke en veelal kalk- en humushoudende bodems; in grasland van uiterwaarden, natte en vochtige hooilanden, loofbos; natte spoorweg taluds; licht beschaduwd-zon. TUIN (inh); Giftig (1); Fauna: Hb3, Hom; BEHEERTYP: (WB) G5, G8. |
Dactylorhiza incarnata - Vleeskleurige orchis: VAST: mei-jun, paars tot rozeachtig. Geof, wortelstok, 0,2-0,6. Natte, schrale, kalkhoudende zandgrond soms ook op zwakke zure bodems; voornamelijk in duinvalleien. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k. |
Dactylorhiza maculata - Gevlekte orchis: VAST: jun-jul, lichtpurper ongeveer de kleur van pinksterbloem tot bijna witachtig e met donkere purper vlekjes. Geof, wortelstok, 0,2-0,6. Natte tot zeer vochtige, voedselarme, zandige en venige bodems; op heidevelden, in schraalgraslanden en op grazige plaatsen in de duinen; verder in weg- en spoorbermen en op allerlei sloot- en greppelkantjes. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1. |
Dactylorhiza majalis praetermissa - Rietorchis: VAST: jun-jul, paarsrood; middelste bladen 4-5 maal zo lang als breed en al dan niet gevlekt. Geof, wortelstok, 0,3-0,8. Natte tot vochtige, iets voedselarme tot matig voedselrijke, zandige tot kleiige bodems en op veengronden; in gras- en rietlanden, weg-, spoor- en kanaalbermen, kleiputten, in spoorweggreppels op spoorwegemplacementen en op opgespoten terreinen. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k, G8. |
Dactylorhiza majalis s. majalis - Brede orchis: VAST: mei-jun, donkerpurper; middelste bladen 3-4 maal zo lang als breed en al dan niet gevlekt. Geof, wortelstok, 0,2-0,5. Natte tot vochtige, iets voedselarme tot matig voedselrijke, zandige tot kleiige bodems en op veengrond; in graslanden, duinvalleien, en natte grazige plaatsen in stads- en recreatieparken; staat iets schraler dan rietorchis. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k, G8. |
Dianthus deltoides - Steenanjer: VAST: jun-sep, roodachtig, zodenvormend. Hemi, 0,15-0,35. Droge, min of meer voedselarme zandige, zwak zure bodems; in lage grazige vegetaties, onder meer in wegbermen, rivierduinen. Zon. TUIN (inh), Tegel, Rots; Fauna: Vlin; BEHEERTYP: (WB) G2d. |
Dipsacus fullonum - Grote Kaardebol: TWEEJARIG: jul-sep, lila. Hemi, rozet, 1,0-2,0, b1/4. Vochtige of vochthoudende, voedselrijke, humushoudende, zandige tot kleiige en veelal kalkhoudende bodems; op min of meer open plaatsen; in open grazige of ruige vegetaties; in weg- en spoorbermen, op dijken, haven-, spoorweg- en fabrieksterreinen, braakliggende terreinen, in stadsplantsoenen en zandafgravingen. Zon TUIN (inh), Tegel; ZINTUIGPL:; Fauna: Hb3, Hom, Vlin, Vogels (zaad); BEHEERTYP: (WB) P7. |
Drosera intermedia - Kleine zonnedauw: EENJARIG: jul-aug, wit. Ther, 0,05-0,1. Natte, open, veelal droogvallende, voedselarme zure veen-, zand- en leembodems; in droogvallende vennen, greppels en natte aangelegde bermen, natte spoorbermen, op geplagde bodems en natte open heidegronden. Zon. (inh); BEHEERTYP: (WB) P1. |
Drosera rotundifolia - Ronde zonnedauw: EENJARIG: jul-aug, wit, blad rood. Ther, 0,5-0,25. Natte, open of droogvallende, zure voedselarme veen-, zand- en leembodems; op heidegrond, afgeplagde of drooggevallen gronden, greppels en poelen; verder veelal in open grazige vegetaties. Zon. (inh); BEHEERTYP: (WB) P1, G1. |
Epipactis helleborine - Brede wespeorchis: VAST: jul-sep, roodbruin tot groenachtig. Geof, wortelstok, 0,3-0,9. Vochtige tot droge, matig voedselrijke tot vrij schrale, zandige tot zavelige bodems; vaak op min of meer beschaduwde plaatsen; in en langs bossen en struwelen, vaak langs fietspaden door de duinen en bossen; langs schouwpaden op spoorwegterreinen, in allerlei stadsplantsoenen, in parken en wegbermen en geluidswallen; beschaduwd-zon. (inh); Fauna: Vlin; BEHEERTYP: (WB) B&S 4, 5, 7, G10. |
Epipactis palustris - Moeraswespeorchis: VAST: jun-aug, combinatie van wit, rood, geel. Geof, wortelstok, 0,15-,0,4 (0,6). Natte tot zomer vochtige, vrij schrale, maar kalkhoudende zandige tot lemige bodems; gewoonlijk in grazige vegetaties; graslanden, bermen, duinvalleien, grazige overhoeken en braakliggende terreinen op industrie terreinen. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k. |
Eryngium maritimum - Blauwe zeedistel: VAST: jun-aug, blauw, blw. scherm bol en hoofdjesachtig; blad met scherpe harde stekelpunten. Hemi, 0,3-0,6, b1/1. Droog, kalkrijk open duinzand; in de zeereep op open stuivende plaatsen; verder in de badplaatsen op allerlei open en onbebouwde plekken tussen de bebouwing; ook tussen plaveisel en tegen straatmeubilair. Zon. (inh), Tegel, Rots; ZINTUIGPL: T.plant; Fauna: Hb5, Vlin; BEHEERTYP: (WB) P0. |
Erysimum cheiri - Muurbloem: VAST, groenblijvend: mei-jun, geel tot oranje geel; cultivars ook roodbruin. Cham, 0,3-0,8, b1/2. Vrij droge stenige substraten; op oude stadsmuren en ruines. Zon. TUIN (inh), Tegel; Fauna: Hb5, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: (WB) Pmu. |
Fritillaria meleagris - Wilde kievitsbloem: BOL: apr-mei, wit-paars, blw. alleenstaand. Geof, 0,15-0,5. Natte tot vochtige, matig voedselrijke kleiige en venige bodems; al dan niet onder invloed van kwelwater; in graslanden en bermen; kan ook goed in natte in tuinen verwilderen. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1, Hom; BEHEERTYP: (WB) G8. |
Hieracium amplexicaule - Stengelomvattend havikskruid: VAST: jun-jul, geel, blw. tuil. Hemi, rozet, 0,3-0,6. Op oude muren en steen- en gruisachtige bodems; op oude stadsmuren, muren langs beken, tussen het plaveisel en op halfverhardingen op spoorwegemplacementen. Zon. (inh), Tegel, Rots; Fauna: Hb1, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: (WB) Pmu. |
Lathyrus tuberosus - Aardaker: VAST: jun-aug, rozerood, blw. tros. Hemi, ondergrondse uitlopers; 0,5-1,2. Vochtige tot vochthoudende, matig voedselrijke, kalkhoudende leem-, löss-, zavel- en zandgronden; in grazige vegetaties, in ruigten en op open gronden, vroeger (1980-1995) het meest langs spoorwegen, toen als pionierplant ook op schouwpaden; verder op rivierdijken, in weg-, kanaal- en stadsbermen en in stadsplantsoenen. Zon- beschaduwd. TUIN (inh); E&P: knol; Fauna: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G5, G7, R5, R7. |
Leucojum aestivum - Zomerklokje: BOL: apr-jun, wit met groene rand, blw. eindelings 1 0f 2 bloemen. Geof, 0,3-0,6. Natte voedselrijke bodems; voornamelijk in verruigt riet op boezemlanden, en nat weiland. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) R8. |
Listera ovata - Grote keverorchis: VAST: mei-jun. Geof, 0,2-0,4. groen. Vochtige en vochthoudende, schrale tot matig voedselrijke, zandige tot lemige bodems; in bossen en op beschaduwde plaatsen; langs holle wegen en langs spoorwegen; op strooivelden op begraafplaatsen; licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: (WB) B&S 4, 5, G4. |
Menyanthes trifoliata - Waterdrieblad: WATER/OEVERPLANT, vast: mei-jun, wit. Helo, 0,15-0,3. Voedselarm tot matig Voedselrijk water; vaak op kwelplekken; vaak op veenachtige bodems; in al dan niet moerasachige vennen, in spoorsloten en greppels. Zon TUIN (inh); BEHEERTYP: (WB) V2, V3. |
Myrica gale - Wilde gagel: HEESTER: h2j, apr-mei, rood en roodbruin; blaadjes grijs en zeer aromatisch. Phan, tot 1,5b. Natte, zure, voedsel arme zandige tot venige bodems; op natte heide, venen, greppels, spoorweggreppels en bermen en kanaaloevers. Zon. TUIN (inh); ZINTUIGPL: G.blad, knop; Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) B&S 1. |
Origanum vulgare - Wilde marjolein: VAST: jun-sep, roze tot licht paars, blw. tuil. Hemi, 0,3-0,6. Vochthoudende tot zomer droge, matig voedselrijke tot schrale kalkhoudende zavelige en lemige bodems; in grazige vegetaties en in ruigten: op dijken, in bermen, langs holle wegen, langs spoorwegen, langs struwelen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh), Tegel, Rots; E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; Fauna: Hb5, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: (WB) G5, R5. |
Ornithogalum nutans - Knikkende vogelmelk: BOL: apr-mei, wit, blw. een naar een zijde gericht tros. Geof, 0,2-0,4. Vochtige, voedselrijke bodems; aan randen van houtige begroeiingen en in graslandvegetaties; licht beschaduwd. TUIN (inh); Giftig (vee); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G7, B&S 5. |
Ornithogalum umbellatum - Gewone vogelmelk: BOL: mei-jun, wit, blw. schermvormige tros. Geof, 0,15-0,25. Vochtige, matig voedselrijke, zandige tot kleiige bodems; in graslanden, wegbermen, spoorbermen, op rivierdijken, buitenplaatsen, in loofbossen en stadsplantsoenen; licht beschaduwd-zon. TUIN (inh); Giftig (vee); Fauna: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G7, B&S 5. |
Osmunda regalis (Osmundaceae) - Koningsvaren: VAST: jun-aug; bladen zeer groot en dubbel geveerd, sporen in grote pluimen; herfstkleur geel. Hemi, 0,5-1,8, wordt in 10 tot 15 jaar meer dan 2m breed. Vochtige tot natte, zure, kalkarme, matig voedselarme tot matig voedselrijke, zandige tot lemige gronden en veenbodems; langs sloten en greppels; in Vochtige bossen, houtwallen, hakhout, bermen en spoorbermen. Zon.en halfschaduw. TUIN (inh); ZINTUIGPL: T.plant; BEHEERTYP: (WB) R1, R2, R8, B&S 1, 6. |
Parietaria judaica - Klein glaskruid: VAST: mei-okt, groenachtig, blw. okselstandig kluwens. Hemi, 0,1-0,6. Vochtige tot droge, tamelijk voedsel- en kalkrijke verweerde of oude muren van ruïnes, kaden, stadsmuren; waar de plant veel voorkomt, kan ze ook tussen het plaveisel worden aangetroffen; licht beschaduwd-halfschaduw. (inh); BEHEERTYP: (WB) Pmu. |
Primula elatior - Slanke sleutelbloem: VAST: mrt-begin mei, geel, blw. scherm. Hemi, 0,2-0,3. Iets natte tot vochtige, veelal kalkhoudende, meestal lemige, matig voedselrijke bodems; in loofbossen en grasland; licht beschaduwd. TUIN (inh); Fauna: Hb1, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G8, B&S 4, 5. |
Primula veris - Gulden sleutelbloem: VAST: apr-mei jun, geel, blw. scherm. Hemi, 0,15-0,3. Vochthoudende, matig voedselrijke, kalkrijke lemige, licht humeuze bodems en zavelgronden; in bossen; grasland, spoordijken en wegbermen. Zon. TUIN (inh); Fauna: Hb1, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G4, G5, B&S 4, 5. |
Pseudofumaria lutea - Gele helmbloem: VAST: mei-okt, geel. Hemi, 0,15-0,35, b1/1. Steenachtige plaatsen; op oude muren van gebouwen, beken en grachten, kaden, tuinmuren, stadswallen, spoorwegterreinen en plaveisel; verder ook in stedelijke beplantingen; halfschaduw. TUIN (inh), Tegel; Fauna: Hb1, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) Pmu. |
Salvia pratensis - Veldsalie: VAST: mei-jul, paarsblauw, blw. aar. Hemi, 0,3-0,6;1/2. Enigszins vochtige tot min of meer zomerdroge, schrale tot matig voedselrijke, kalkhoudende, zavelige bodems; in grazige vegetaties op rivier-, spoordijken en op overhoeken bij de rivieren. Zon. TUIN (inh), Tegel, Rots; Fauna: Hb1, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: (WB) G4, G5. |
Vinca minor - Kleine maagdenpalm: VAST, groenblijvend: apr-mei, blauw; Cham, kruipende stengels,0,15-0,5. Vochtige, iets voedselarme en vaak kalkhoudende en humushoudende, voedselrijke leem- en bosbodems; in loofbossen, onder struwelen, langs holle wegen en spoorwegen en op buitenplaatsen; beschaduwd-licht beschaduwd. TUIN (inh); Fauna: Hom; BEHEERTYP: (WB) B&S 4, 5. |
Viscum album - Maretak: DWERGHEESTER: groenblijvend: mrt-mei, geelgroen, blw. okselstandig; bes wit; blad spatelvormig. Cham, tot 0,5xb. Woekerend op loofbomen; in Nederland vooral zwarte en Canadese populier en appel, in mindere mate ook op peer, lijsterbes, linde, opinie (in het buitenland op meer soorten); beschaduwd. TUIN (inh); Giftig (zwak); Fauna: Hb1, Vogels (bessen); BEHEERTYP: (WB) B&S 2, 5. |